Ik heb er al spijt van! Het is een gedachte die meerdere keren in mij opkomt tijdens de beklimming van Rinjani, de tweede hoogste vulkaan in Indonesië. Spijt. Want het is afzien! Het is tegen mijn grenzen aanbotsen. Maar schoon. Pijnlijk schoon.

Dag 0 – Tijgerbalsem

Sanne en ik schrijven ons in bij John’s Adventure, ook wel gekend als de Rinjani Master, voor de driedaagse trekking met vertrek in Sembalun en arrivé in Senaru.
“Let’s do this!” denken we vol vertrouwen. Tien minuten later slaat dat vertrouwen om in twijfel wanneer we onze groep ontmoeten. Mannen met ervaring en een palmares waarop Everest basecamp prijkt. Slik…

En dan krijgen we het lijstje met items die we zeker in onze rugzak moeten steken.
Bovenaan het lijstje: Tijgerbalsem. Voor je spieren. Want die zullen zeer doen. Dubbel slik.

Dag 1 – You will regret this (hill)

No way back. We schrijven ons in in het Sembalun Trek Center (1158m) en ontmoeten onze 17 jaar oude gids en kok Awan. Awan leidt ons door graslanden en kleine heuveltjes naar 1500m. Onderweg is er geen greintje schaduw en de zon brandt. Het zweet loopt van mijn rug af. Maar dit is kinderspel. Een opwarmertje.

gids rinjani trekking

beklimming rinjani

kim beklimt rinjani

We stijgen naar Pos 3 op 1800m waar het echte werk begint. Hier moeten we vijf heuvels beklimmen met de bijnaam ‘You will regret this hill’ of ‘Torture hill’. De heuvel zijn klojo’s.
Elke keer dat ik het gevoel heb dat ik eindelijk boven ben duikt er achter de mistbanken weer een stijle wand voor me op. Het is niet alleen fysiek zwaar maar ook een mentale mindfuck. Onze dragers daarentegen lopen met een bamboe mandje van 40 kilo de berg op. Op flipflops. Diep respect! Na zeven uur klimmen bereiken we Plawangan II, ons basecamp op 2639m.

tentjes rinjani beklimming

We slapen op de rand van de vulkaankrater. De temperatuur daalt tot aan het vriespunt. We kruipen snel diep in onze slaapzakken maar die zijn jammer genoeg niet bestand tegen de koude. De hele nacht lang liggen we te bibberen.

zonsondergang rinjani

Dag 2 – Boven de Wolken

Om 3 uur ’s nachts maakt Awan ons wakker: ‘Lady! Hey Lady! Get up !’ We moeten voor zonsopgang klimmen naar de top op 3726m. Om daarna terug te keren. Sanne heeft de hele nacht niet geslapen en besluit om te blijven liggen. Ze is niet alleen. De helft van de groep besluit om in basecamp te blijven. Ook die stoere gast die het tot Everest basecamp heeft geschopt. Maar ik vertrek toch. Urenlang loop ik in de donker over een steil en stoffig pad. Ik verlies elk gevoel van tijd en schakel over op body time. Ik voel hoe ik elk sprankeltje energie verlies. Mijn vingers beginnen op te zwellen, mijn hart gaat sneller slaan. De hoogte eist langzaam zijn tol.

De laatste kilometers lopen over losse steentjes. Elke stap die ik zet schuif ik terug achteruit. En dan komt de zon op boven de wolken. Een fantastisch zicht. Ik zie de Gili eilanden, het turquoise meer van de Rinjani vulkaan en een hoop kleine spikkels van onze tentjes 1.000 meter lager. Ik heb nog 50 meter te klimmen. Maar ik kraak. Eén boterham met kaas is niet voldoende om 1.000 meter op hoogte te klimmen.

zonsopgang boven de woken vanop rinjani

Rinjani vulkaan

rinjani trekking pad

rinjani

beklimming-top-rinjani

Het doet er ook niet meer toe. Sanne wacht beneden op mij. Met een deftig ontbijt. Awan neemt me bij de arm en besluit om te gaan lopen. Ik steek mijn hielen diep in de losse steentjes en schuif met een gigantische snelheid naar beneden. Een uur later bereiken we basecamp. Mijn kleren en haar zijn grijs van het stof. Maar ik glimlach. Want er zijn bananenpannenkoeken. En iemand om dat mee te delen.

kim en sanne op de kampplaats

Na het ontbijt volgt een stevige afdaling naar 2000m over een rotspad. En daar wacht de beloning van de dag: heerlijk warme hot springs. Het gele en blauw gekleurde water is zo heet dat mijn spieren instant ontspannen. Ik schrob het vuil van mijn benen en was het stof uit mijn haar. Een beetje hemel. Ook al moet ik zo meteen weer klimmen naar 2641m.

hot springs rinjani

baden in de hot springs van een vulkaan

De beklimming is god zij dank de makkelijkste tot nu toe. En als kers op de taart worden we beloond met het mooiste zicht tot nu toe. We krijgen een mooi zicht op de vulkaan Gunung Baru die in het midden van een turquoise meer ligt.

rinjani vulkaan

En als klap op de vuurpijl mogen we nog genieten van een mooie zonsondergang. De wolken dansen over de heuvels en de reflectie van de zon op de zee doet de Gili eilanden in verte schitteren als discoballen op een tropisch feest. Maar die nacht is alles behalve een feest.

zonsondergang rinjani

kampplaats rinjani zonsondergang

De muizen en ratten ruiken het eten op onze kampsite. Op zoek naar overschotjes hoor ik ze knagen aan onze tent.

Dag 3 – De wet van de jungle

De laatste dag! Vandaag moeten we enkel nog afdalen. Klinkt makkelijk. Maar we moeten door de jungle waar concentratie erg belangrijk is. De vele boomwortels lijken wel hordes en de hitte maakt het lastig. En dan zwelt Sanne haar knie op als een kleine octopus.

sanne in de jungle van rinjani

We maken daardoor kennis met de wet van de jungle: “Survival of the fittest”. Je kan hier niet gered worden. Geen auto kan je komen halen. Geen helikopter kan door het boomgewas. Je moet hier doorbijten. Afzien. Jezelf eruit sleuren. En dus verbijt Sanne alle pijn. Tranen in de ogen. Steunend en hinkend. Na uren afzien bereiken we eindelijk de finish.

Dag 4 – Wandelen als een Cowboy

Ik wandel als een cowboy vandaag. Mijn spieren doen zo zeer dat een massage eerder als hel dan als hemel klinkt. Maar ik geniet intens van alle kleine dingen vandaag. Een warme douche. Een deftig bed. Een gigantische hamburger. Soms moet je afzien om weer te kunnen genieten van de kleine dingen.